Stuitligging

Stuitligging

Rond 36 weken willen we graag dat het kindje met zijn of haar hoofdje naar beneden ligt. Dit is de beste positie voor een bevalling. Niet alle kindjes liggen dan met het hoofdje beneden,  2-3% van de kinderen ligt rond 36 weken nog met de billen in het bekken. Er is dan sprake van een stuitligging.

Omdat deze houding meer kans op complicaties tijdens de bevalling geeft (o.a. meer kans op een keizersnede) verwijzen we jou dan naar het ziekenhuis. In het ziekenhuis kan de gynaecoloog of klinisch verloskundige een draaipoging (versie) doen. Ze proberen dan met hun handen via jou buikwand je kindje te laten draaien. Dit gebeurt altijd in overleg met jou en door speciaal opgeleide verloskundigen of gynaecologen.
Wanneer deze poging slaagt ( bij ongeveer de helft van de versies) kom je weer bij ons onder controle en kun je bevallen waar jij wilt.

Blijft het kindje echter met de billen (of voeten) onderin liggen dan blijf je onder controle in het ziekenhuis bij de gynaecoloog. Deze gaat dan met jou de opties bespreken. Je hebt dan twee keuzes. Een natuurlijke vaginale bevalling of een keizersnede.

Meer informatie over de versie; versie bij stuitligging